Ananassalievar[pineapple sage (EN)]

Deze prachtige en fruitig geurende salie komt van oorsprong uit Zuid-Amerika. Het zijn korte-dag planten, vandaar dat deze salie pas zeer laat in het najaar begint te bloemen. De felrode bloemaren komen pas eind oktober tevoorschijn maar kunnen bij afwezigheid van vorst tot diep in december doorbloeien.

Sanguisorba var[bloedkruid; sorbenkruid – burnet (EN)]

In West-Europa komen van nature twee soorten pimpernel voor. Beide zijn doorlevend en wintervast en worden zowel medicinaal als culinair gebruikt. Het jonge blad smaakt wat komkommerachtig en heeft een duidelijk walnootaroma.

olijfkruid 150[heiligenbloem – green santolina (EN)] 

Dit meerjarig en wintervast keukenkruid groeit oorspronkelijk in het Middellandse Zeegebied. De plant is warmteminnend, kan goed tegen de droogte en verkiest een standplaats in de zon.

satureja 150[savory (EN)]

Er bestaat zowel een éénjarig bonenkruid als enkele meerjarige soorten. De meerjarige soorten zijn (beperkt) winterhard en licht verhoutend. Bonenkruid is een warmte minnende plant die het liefst groeit op niet te voedselrijke, kalkrijke grond. De planten kunnen zeer goed tegen de droogte.

Hemelsleutel[orpine (EN)]

Een inheems, doorlevend en wintervast kruid dat van nature op vochtige, voedselrijke gronden voorkomt. Hemelsleutel wordt meestal aangetroffen in wegbermen en in open loofbossen.

zwartmoeskervel 150[Alexanders (EN)]

Een door de eeuwen heen zeer populaire groente die je momenteel echt als vergeten mag beschouwen. Al in de klassieke oudheid werd zwartmoeskervel geteeld als groente.

smeerwortels[comfrey (EN)]

Het geslacht van de Smeerwortels (Symphytum) bevat onder andere gewone smeerwortel (S. officinale) en Russische smeerwortel (S. uplandicum). Beide soorten zijn gelijkaardig qua toepassingen en groei.

vrouwenmunt 150[vrouwenmunt – costmary (EN)]

Dit in de vergetelheid geraakt medicinaal keukenkruid komt uit het oosten van Azië. Wellicht is de plant vroeger meegekomen met de zijderoute. Al sinds de zeer vroege middeleeuwen was de plant wijdt verspreid in Europa.

moederkruid 150[feverfew (EN)]

Net als vele andere tanacetum-soorten is ook moederkruid een al zeer lang gekend medicinaal keukenkruid. Moederkruid werd historisch aangewend voor tal van ziektes en kwaaltjes. Het zou helpen tegen migraine en koorts. Het helpt de lever te ontgiften en stimuleert de eetlust.

boerenwormkruid var[common tansy (EN)]

Al voor de tijd van Karel de Grote werd boerenwormkruid veelvuldig gebruikt in de kruidengeneeskunde. Tal van medicinale eigenschappen werden aan de plant toegeschreven. Maar boerenwormkruid werd ook dikwijls in de keuken gebruikt.

Tijmen 150[thyme (EN)]

Tijm is een geslacht uit de lipbloemenfamilie. Het omvat kruidachtige of licht verhoutende planten met een zeer aromatische geur.

Alle tijmsoorten zijn meerjarig en winterhard. Ze zijn warmte minnend en groeien goed op droge, kalkrijke, voedselarme gronden.

valeriaan 150[valerian (EN)]

Valeriaan is een inheemse plant die in het wild voornamelijk op drassige tot natte plekken waargenomen wordt. Deze meerjarige en wintervaste plant heeft witroze bloemen die ’s avonds een aangename geur verspreiden. Het is dan ook een plant die ’s nachts veelvuldig bezocht word door allerlei insecten en nachtvlinders.

verbenasp[ijzerkruid – common vervain (EN)]

IJzerhard is een vrij zeldzaam, inheems kruid. Het is een winterharde en overblijvende plant waar verschillende medicinale eigenschappen aan toe geschreven worden. Als thee stimuleert hij de spijsvertering en hij kan gebruikt worden bij mondspoelingen.

maarts viooltje var[sweet violet (EN)]

Deze meerjarige en wintervaste bosplant groeit van oorsprong in Zuid- en Midden-Europa. De bloemen geuren heerlijk zoet en worden reeds lange tijd gebruikt in onder andere parfums.

szechuanpeper 150[chinese pepper (EN)]

Met het pittige keukenkruid ‘szechuanpeper’ wordt verwezen naar de gemalen zaadhuisjes van een aantal kleine boomsoorten in het geslacht Zanthoxylum. De Zanthoxylum simulans, één van deze szechuanpepers, is voor de teelt in West-Europa het interessantst. De boom is wintervast en kan zichzelf bestuiven. Afgezien van het mijden van de scherpe doornen tijdens de oogst, vraagt deze boom weinig aandacht.